Contact

Het ‘not invented here’ syndroom en de toekomst van je propositie

Auteur: Kimberley Riedijk

Datum: 15-4-2020

Categorie: Algemeen

Veel innovaties hebben als doel het gedrag van mensen te veranderen. Neem Uber, die van ons vroeg om op een andere manier taxi’s te bestellen, of Dopper die van ons vroeg om minder single-use waterflesjes te kopen. De toepassing van gedragsinzichten in innovatie is wat ons betreft wat onderbelicht. Niet alleen in de ontwikkeling van nieuwe proposities, maar ook in het proces van het ontwikkelen van een succesvolle propositie, zijn gedragsinzichten van grote toegevoegde waarde.

Een idee van buitenaf

Heel (heel) kort door de bocht beginnen innovaties met ideeën, deze worden vervolgens doorontwikkeld en uiteindelijk geïmplementeerd en geschaald. Zo’n idee kan van binnen de organisatie komen, maar ook van daarbuiten!  Stel, jij werkt op een innovatie afdeling. Nog voor het Corona virus alles op zijn kop zette, bezocht je een congres of evenement waar andere bedrijven hun innovaties tentoonstelden. Daar ontdek je een idee van een bedrijf uit een totaal andere branche, waarvan je denkt: zoiets moeten wij ook doen! Super enthousiast keer je terug en deel je het idee met jouw team, dit is wat jullie nodig hadden. En wat blijkt, je teams is lang niet zo enthousiast over dit idee als jij bent. Je krijgt reacties als ‘we hebben al eens zoiets geprobeerd’ of ‘de markt is hier nog niet klaar voor’. Wat gebeurt hier!?

‘But that’s not invented here!’

Hier speelt het ‘not invented here’ principe. Dit principe omvat de voorkeur die we onbewust hebben voor onze eigen ideeën ten opzichte van ideeën die door mensen buiten “onze groep” zijn bedacht. Kortom, goede ideeën kunnen niet van andere afdelingen, andere industrieën en andere stakeholders komen. Jouw team heeft onbewust weerstand tegen het idee waar je mee bent gekomen, puur omdat jullie het niet zelf hebben bedacht. Het wordt ook wel de tandenborstel theorie genoemd,. We behandelen ideeën of oplossingen regelmatig als onze tandenborstel: iedereen wil er een, iedereen heeft er een nodig, maar niemand wil die van een ander gebruiken.

Onderzoek naar dit syndroom

Dit fenomeen is ook door Dan Ariely en collega’s onderzocht in een experiment met duizenden deelnemers. In het experiment werd de deelnemers gevraagd een aantal problemen te analyseren, de voorgestelde oplossingen te evalueren en vervolgens zelf met oplossingen voor de problemen te komen. Wat bleek, de eigen oplossingen werden hoger beoordeeld dan die van anderen. Eigen ideeën werden als praktischer beoordeeld en hadden, volgens de eigen bedenkers, meer kans van slagen. Het bleek zelfs dat deelnemers bereid waren meer tijd en geld te besteden aan hun eigen idee en de promotie hiervan, dan aan het idee van iemand anders.

Wat doe je ertegen?

Wat kun je doen om het tegen te gaan? Een aantal voorbeelden:

1.     Lanceer de “proudly found elsewhere” competitie binnen je team of organisatie en beloon je team voor het effectief ophalen en inzetten van externe ideeën/oplossingen;

2.     Betrek externe mensen en organisaties bij de strategie- en evaluatiefasen voor nieuwe perspectieven op je idee/oplossing.

Natuurlijk is kritiek en weerstand op ideeën en oplossingen van anderen in sommige gevallen terecht. Het kan zijn dat er geen strategic fit is met jouw core business, de nieuwe feature een reëel risico vormt, of dat deze ideeën in de praktijk lang niet zo succesvol zijn gebleken als wordt geclaimd. Maar als deze mogelijke bedreigingen eenmaal zijn uitgesloten, is het enige dat het kiezen voor de beste oplossing kan tegenhouden een giftige houding ten opzichte van het onbekende.

Wil je meer leren over de toepassing van gedragsinzichten binnen innovatie, of advies over de toepassing van gedragsinzichten in het ontwikkelen van nieuwe proposities? Neem gerust contact op met kimberley@bicnl.nl.

Gerelateerde blogs

Zo experimenteren ze in Amerika met vaccinatiebereidheid

Zo experimenteren ze in Amerika met vaccinatiebereidheid

In landen over heel de wereld hebben overheden zich de afgelopen tijd gebogen over vaccinatiebereidheid en de vraag hoe zo veel mogelijk burgers te overtuigen op te komen dagen voor het coronavaccin. Inmiddels hebben in Nederland bijna 13 miljoen mensen minimaal één...

Share This